Regio Midden-Nederland laat zien hoe reflectie leidt tot beweging
De Netwerken Palliatieve Zorg in de regio Midden-Nederland hebben de afgelopen periode intensief gewerkt aan het uitvoeren van een Netwerkevaluatie. Het reflecteren op samenwerking was een katalysator voor eigenaarschap, zichtbaarheid en gezamenlijke ambitie. Mirjam Velting (netwerkcoördinator Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht) en Nienke Goemaat (netwerkcoördinator Utrecht Zuid en Noordwest Utrecht) delen hun ervaringen, inzichten en lessen.

De aanleiding voor de Netwerkevaluatie was eenvoudig. “In de regio Midden-Nederland zitten we midden in de IZA Transformatie palliatieve zorg”, vertelt Mirjam. “In dat kader wilden wij ook voor de borging na 2027 scherp krijgen hoe het staat met de samenwerking in onze verschillende netwerken.” Daarom besloten Mirjam en Nienke samen met hun collega netwerkcoördinatoren Ineke van Laar (netwerkcoördinator Utrecht Zuid en Noordwest Utrecht) en Lars Luijkx (netwerkcoördinator Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht) en Willemien Schep (netwerkcoördinator Eemland) om de Netwerkevaluatie dit keer in alle vijf NPZ gelijktijdig uit te voeren.
Nienke vult aan: “De Netwerkevaluatie richt zich echt op hoe we samenwerken, hoe het netwerk functioneert en waar het eigenaarschap ligt. Dat bleek een hele waardevolle nulmeting.” Voor NPZ Utrecht Zuid en Noordwest Utrecht was dit de eerste keer dat zij een Netwerkevaluatie uitvoerden. NPZ Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht en NPZ Eemland hadden al eerder ervaring opgedaan en konden vergelijken met resultaten uit 2023.
“We wilden niet alleen weten hóé het gaat, maar wat het oplevert” – Mirjam Velting
Van coördinator naar gezamenlijk eigenaarschap
Een van de uitkomsten van de evaluatie is de verschuiving in eigenaarschap. “De conclusie was eigenlijk overal hetzelfde”, zegt Nienke. “Het netwerk mag meer eigenaarschap nemen. En dan bedoelen we: niet alleen de netwerkcoördinator, maar juist ook de zorgverleners, bestuurders en stuurgroepleden.”
Zowel Willemien als Mirjam herkennen dat beeld. “Eerder was veel belegd bij de netwerkcoördinator. Na de Netwerkevaluatie in 2023 zien we dat het netwerk zelf meer verantwoordelijkheid neemt. Mensen weten beter wat palliatieve zorg inhoudt, hoe het netwerk werkt en wat ieders rol is.” Die ontwikkeling is niet vanzelf gegaan, maar het resultaat van bewuste keuzes en interventies.
“Niet alles hoeft bij de netwerkcoördinator te liggen” – Nienke Goemaat
Kleine interventies, grote impact
De netwerken hebben verschillende concrete stappen gezet naar aanleiding van de evaluatie. Zo ontwikkelden de NPZ Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht een flyer die helder uitlegt waar het netwerk voor staat en wat de doelen zijn. “Die flyer gebruiken we bij netwerkbijeenkomsten en bij kennismaking met nieuwe partijen”, vertelt Mirjam. “Het is iets tastbaars om achter te laten: dit zijn wij, dit willen we bereiken.” “En doordat we zo goed samenwerken, hoefden wij dat wiel niet meer uit te vinden”, vult Nienke aan, “maar konden we de flyer van NPZ Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht overnemen en voor onze netwerken inzetten.”
Ook op communicatief vlak is er beweging. De vier netwerken (Utrecht Stad, Zuidoost Utrecht, Utrecht Zuid en Noordwest Utrecht) beheren inmiddels samen een LinkedIn pagina, die gestaag groeit. “Dat helpt enorm bij zichtbaarheid en onderlinge verbondenheid”, aldus Nienke.
Daarnaast is er stevig ingezet op governance. De netwerken hebben ieder een eigen dagelijks bestuur (DB), die regelmatig bij elkaar komen en hebben zich afgevraagd: Met welk doel werken we als vier gezamenlijke Netwerken Palliatieve Zorg in de regio Utrecht samen? Ze hebben daarom naar aanleiding van de resultaten van de Netwerkevaluatie afgesproken: Wat moet je in je eigen regio’s aanpakken en wat kun je ook gezamenlijk doen? “We willen de besluitvorming daarover meer bij het DB beleggen”, zegt Nienke, “en minder bij de netwerkcoördinator, zodat het eigenaarschap daarover ook breed door hen gedragen wordt. Een ander voorbeeld van eigenaarschap is dat de jaarlijkse netwerkbijeenkomst voor en door het netwerk wordt georganiseerd..” Mirjam vult aan: “Die netwerkbijeenkomst is van de netwerken Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht, maar de andere Utrechtse netwerken zijn nu ook van plan iets dergelijks te organiseren.”
Een gedeelde visie als fundament
Een andere belangrijke opbrengst is de gezamenlijke visie die is ontwikkeld vanuit Een kwestie van geluk. “Die visie is met de stuurgroep opgesteld voor vijf netwerken en door iedereen goedgekeurd”, vertelt Mirjam. “Het mooie is: die wordt nu over de netwerken heen gedragen.”
Volgens Nienke helpt die visie enorm. “Het geeft richting en samenhang. Tegelijkertijd moeten we nog scherper krijgen welke ambitie we precies nastreven. Maar het feit dat we nu een gedeeld verhaal hebben, maakt het gesprek daarover veel makkelijker.”
“Het mooie is dat de visie nu over de netwerken heen wordt gedragen” – Mirjam Velting
Netwerkevaluatie en IZA: geen dubbeling, maar versterking
Een terugkerend thema in het gesprek is de verhouding tussen de Netwerkevaluatie en de IZA Transformatie palliatieve zorg. Mirjam: “We hebben bewust gekozen om de implementatie van het kwaliteitskader – die vier dimensies – niet in de Netwerkevaluatie mee te nemen, maar nu onder te brengen bij de IZA.”
Volgens Nienke zit daar precies de kracht van de huidige aanpak. “De situatieanalyse binnen de IZA en de Netwerkevaluatie vullen elkaar aan. De ene gaat over inhoudelijke thema’s – namelijk de essenties van het kwaliteitskader, de andere over samenwerking binnen een netwerk. Samen geven ze een compleet beeld.”
Belangrijk is ook de afspraak die inmiddels is vastgelegd in het samenwerkingsconvenant van Utrecht Stad en Zuidoost Utrecht: elke twee jaar wordt een Netwerkevaluatie uitgevoerd. “Dat is best uniek”, zegt Mirjam. “Het helpt om te blijven monitoren en bijsturen.”
Leren van en met elkaar
Hoewel de Netwerkevaluaties per netwerk zijn uitgevoerd, is het gezamenlijke leren nadrukkelijk in beeld. “We gaan de resultaten naast elkaar leggen”, zegt Nienke. “Daarin worden we begeleid door Eveline van Drielen en Ilse Brummelhuis van Stichting PZNL. Zij waren bij alle stuurgroepen aanwezig en zien patronen die wij zelf niet altijd zien.” Volgens Mirjam is dat cruciaal. “Zij kunnen echt spiegelen en adviseren. Daar hebben we veel aan.”
Die gezamenlijke reflectie past bij een bredere ontwikkeling richting lerende netwerken. Werkgroepen rondom specifieke thema’s – zoals verpleeghuiszorg, hospices of GGZ en VGZ gerelateerde onderwerpen – zorgen ervoor dat mensen elkaar leren kennen en stimuleert de samenwerking.
“Doordat we de Netwerkevaluatie gelijktijdig uitvoerden met de andere netwerken in Midden-Nederland, konden we niet alleen naar ons eigen netwerk kijken, maar ook van elkaar leren. Dat helpt om de samenwerking in de regio verder te versterken”– Willemien Schep
Wat als het netwerk er niet meer zou zijn?
Een opvallende vraag in de Netwerkevaluatie was: wat als het netwerk er niet meer zou zijn? Het antwoord was veelzeggend. “Dan zou in veel gevallen de coördinatie van transmurale samenwerking wegvallen”, vertelt Nienke. “Samenwerking ontstaat niet vanzelf. Niet uit onwil, maar omdat mensen elkaar simpelweg niet kennen.”
Mirjam beaamt dat. “Ontmoeten, elkaar leren kennen en weten wie waarvoor aan zet is – dat is precies de meerwaarde van het netwerk. Die rol wordt breed erkend.”
En ook in NPZ Eemland werd deze meerwaarde duidelijk zichtbaar. Respondenten benadrukten dat het netwerk een belangrijke rol speelt in het verbinden van organisaties, het delen van kennis en het organiseren van samenwerking rondom palliatieve zorg in de regio.
“Samenwerking ontstaat niet vanzelf. Niet uit onwil, maar omdat mensen elkaar simpelweg niet kennen” – Nienke Goemaat
Vooruitkijken: borging na IZA
Met het aflopen van de IZA Transformatie palliatieve zorg in 2027 doemt een nieuwe vraag op: Hoe gaat het verder? “We weten nog niet hoe subsidies zich gaan ontwikkelen”, zegt Mirjam. “Maar één ding is duidelijk: eind 2027 zullen er weer een situatieanalyse en Netwerkevaluatie worden uitgevoerd, waarbij de IZA en borging in de netwerken en de govenance die daarbij horen, belangrijke thema’s zijn .”
Tips voor andere Netwerken Palliatieve Zorg
Wat zouden Mirjam en Nienke andere netwerken meegeven? Hun antwoord is helder: “Zorg voor een duidelijke visie, leg eigenaarschap neer waar het hoort en gebruik de Netwerkevaluatie niet als afvinklijst, maar als gesprekstool”, zegt Mirjam.
Nienke vult aan: “Wees niet te bescheiden.. We mogen trots zijn op wat we hebben opgebouwd.”
Beiden zijn het over één ding eens: “De Netwerkevaluatie geeft ons niet alleen inzicht, maar brengt ook beweging.”