Digitale Gegevensuitwisseling

Voor het bieden van palliatieve zorg die past bij de waarden, wensen en behoeften van de patiënt, is het essentieel dat zorgverleners altijd de actuele behandelwensen en -grenzen van hun patiënten kunnen inzien. Toch worden deze proactieve zorgplanning (PZP) gegevens vaak nog niet (voldoende en transmuraal) gedeeld. Vanuit het NPPZ II willen we stapsgewijs toewerken naar goede digitale ondersteuning van de palliatieve zorg, met als doel:

  • Passende zorg voor patiënten doordat gegevens beschikbaar zijn over onder meer de behandelwensen en -grenzen.
  • Doelmatiger zorgproces omdat zorgverleners op het juiste moment de relevante informatie beschikbaar hebben om passende zorg te kunnen leveren.
  • Tevreden zorgverleners en patiënten omdat (moeilijke) gesprekken ondersteund worden met actuele informatie en zorgverleners zich kunnen richten op hun kerntaken. Voor patiënten en naasten betekent dit een betere kwaliteit van zorg in de laatste levensfase.
Digitale gegevensuitwisseling
Op deze pagina

Dit willen we bereiken door:

  • Goede functionaliteit om PZP-gegevens te registreren, inzien en delen, die past in het reguliere werkproces van zorgverleners.
  • Samenwerkingsafspraken voor het delen van PZP-gegevens.
  • Het stimuleren van het gebruik van technische mogelijkheden in de dagelijkse praktijk van zorgverleners en patiënten.
Samenwerken met het werkveld

Samenwerken met het werkveld

De behoefte aan een betere beschikbaarheid van PZP-gegevens bestaat naast de palliatieve zorg ook bij andere sectoren, zoals de spoedzorgketen, de oncologie en de zorg voor (thuiswonende) kwetsbare ouderen. Daarom werken we samen met deze zorgsectoren. We vragen zorgverleners hoe palliatieve zorg binnen hun werkprocessen is geïntegreerd. Zo kunnen we aansluiten bij hun huidige werkproces.

Landelijke synergie

Landelijke synergie

Palliatieve zorg is per definitie netwerkzorg, omdat patiënten in de laatste levensfase vaak gebruik maken van een breed scala aan zorg- en hulpverleners. Al deze zorgverleners vormen samen het zorgnetwerk van de patiënt. Landelijk is er al veel in gang gezet op het gebied van digitale gegevensuitwisseling en het toewerken naar netwerkzorg. Hier sluiten wij bij aan om ook het perspectief vanuit palliatieve zorg te laten meenemen. Gezamenlijk met leveranciers en brancheorganisaties kijken we hoe we synergie kunnen bereiken en wat er moet gebeuren om digitale gegevensuitwisseling, en daarmee netwerkzorg, te bevorderen.

Wat we doen in 2024

Wat we doen in 2024

In 2024 richten we ons op:

  • Het is kaart brengen van de huidige werkprocessen van zorgverleners om hen in de toekomst beter te ondersteunen met proactieve zorgplanning bij het verlenen van palliatieve (netwerk)zorg.
  • Het bevorderen van landelijke samenwerking zodat zorgverleners in het netwerk van palliatieve zorg actuele PZP-gegevens kunnen inzien en delen.
  • Het opdoen van ervaring met ondersteunende netwerkzorg in diverse regio’s om inzicht te krijgen in de (technische) oplossingen om vervolgens de opgedane inzichten en ervaringen te delen.
  • Het ondersteunen van transformatieregio’s bij het opstellen van een plan voor hoe de samenwerking digitaal kan worden ondersteund in de komende jaren:
    • Versterken onderlinge bereikbaarheid
    • Inzicht in het zorgnetwerk
    • Inzicht in capaciteit
    • MDO ondersteuning
    • Makkelijk kunnen delen van gegevens
Kaart initiatieven proactieve zorgplanning 

Kaart initiatieven proactieve zorgplanning 

Op dit moment vinden er verschillende lokale en regionale initiatieven plaats op het gebied van het registreren en uitwisselen van PZP-gegevens. De kaart biedt een visueel overzicht en inzicht in waar deze initiatieven plaatsvinden. Het doel is om van elkaar te leren, elkaar te inspireren en te voorkomen dat iedereen het wiel opnieuw uitvindt. Men kan contact opnemen om ideeën uit te wisselen en samen te werken, wat bijdraagt aan kennisdeling en het versterken van samenwerking.

De ontwikkeling van de kaart op Palliaweb is een samenwerking tussen het IKNL-project ‘Proactief gegevens delen in de palliatieve fase’ en het strategische thema Digitale Gegevensuitwisseling van het NPPZ II.

De huidige vermeldingen geven nog geen volledig beeld en kunnen verder worden aangevuld. Projectleiders en zorgverleners kunnen initiatieven en projecten waarbij het registeren en/of uitwisselen van PZP-gegevens centraal staan, aanmelden door een e-mail te sturen naar nppzii@pznl.nl.

Meer informatie en nieuws

Meer informatie en nieuws

Symptoomlast in de palliatieve fase (Sympal)

Symptoomlast in de palliatieve fase (Sympal)

Via het project Symptoomlast in de palliatieve fase (Sympal) werken we samen met zes hospices van de Associatie Hospicezorg Nederland (AHzN). We zoeken uit of we gegevens die standaard worden vastgelegd binnen hospices, bij elkaar kunnen brengen. En hoe we daarvan kunnen leren om de zorg voor patiënten te verbeteren. Wij doen dit in samenwerking met IKNL.

In de praktijk

In de praktijk

Vanuit het NPPZ II dragen we bij aan de stapsgewijze goede digitale ondersteuning van palliatieve zorg. Hierbij kijken we ook naar wat er al in regio’s gebeurt en wat wij en andere regio’s daarvan kunnen leren. Zo’n regio is Zutphen die gebruik maakt van een communicatieplatform voor laagdrempelige en snelle communicatie tussen patiënten, mantelzorgers en alle betrokken zorgverleners. Judith Sloothaak, wijkverpleegkundige bij Sensire, vertelt over haar ervaringen.

Rechtstreekse korte lijnen tussen betrokken zorgverleners
Judith vertelt dat regio Zutphen gebruik maakt van het communicatieplatform OZO. Ze legt uit dat de aanleiding voortkomt uit de behoefte aan veilig overleg en gegevensuitwisseling binnen de transmurale samenwerking. “Voor vragen aan andere betrokken zorgverleners die niet acuut zijn, was bellen voorheen de beste optie”, vertelt ze. “Zeker in het geval van overleg met huisartsen was bellen vaak tijdrovend vanwege wachttijd en terugkoppeling via de assistente. Mailen is geen optie vanwege privacygevoelige gegevens die meegestuurd worden. Nu zijn er rechtstreeks korte lijnen mogelijk tussen zorgverleners door berichten uit te wisselen binnen de veilige digitale omgeving van OZO. Het gebruik van een communicatieplatform scheelt dus heel veel telefoontjes, zeker ook voor de huisartsen. Het is tijdbesparend en de patiënt houdt zelf de regie door mee te lezen.”

Stimuleren van gezamenlijke betrokkenheid en samenwerking
Voor langdurige zorg waarbij meerdere disciplines samenwerken, biedt digitale ondersteuning, zoals het OZO communicatieplatform echt een uitkomst. Judith benadrukt dat het de samenwerking en de gezamenlijke betrokkenheid enorm stimuleert. “Er zijn vaak zaken die je even tegen het licht wilt houden bij bijvoorbeeld een huisarts, fysiotherapeut of iemand van de ggz. Zo’n vraag kun je dan direct uitsturen en later rustig terugkijken hoe er is geantwoord, op een moment dat het uitkomt”, zegt ze.

Daarnaast geeft Judith aan dat het gebruik van OZO helpt bij het verduidelijken van zorginformatie aan patiënten. “Soms merken we dat een patiënt iets rond de zorg nog niet goed heeft begrepen. Wij koppelen dit dan terug aan de huisarts en stemmen af of de huisarts het nog een keer bespreekt of dat wij dat doen.”

Meerwaarde bij palliatieve zorg
Bij palliatieve zorg is een communicatieplatform van grote meerwaarde, omdat het aantal betrokken zorgverleners bij patiënten in de laatste levensfase groter is. Judith legt uit: ” Die grotere keten verhoogt alleen maar de noodzaak tot gestructureerd communiceren.” Ze benadrukt dat er vaak zoveel emoties spelen dat informatie niet onthouden en/of begrepen wordt door patiënten. “Het is fijn dat patiënten en/of mantelzorgers op één plek kunnen terugvinden wat via het communicatieplatform wat eerder met ze is besproken en wat wij onderling als zorgverleners bespreken.”

Daarnaast helpt het platform bij het informeren van patiënten over palliatieve zorg en het bespreken van behandelwensen en -grenzen. “We kunnen overleggen met de huisarts wie het gesprek voert met de patiënt over wat iemand nog wil. Soms zegt een patiënt iets tegen ons over zijn of haar behandelwensen en/of -grenzen, waarbij we opmerken dat dit verschilt met wat er tegen de huisarts is gezegd. Ook dit kunnen we dan via OZO doorgeven aan de huisarts.”

Judith noemt een specifiek voorbeeld: “Het is ook fijn als ik kan zien dat de huisarts al een keer met de patiënt heeft gesproken over de mogelijkheid van sedatie. Als iemand dan heel slecht gaat, dan geeft het mij rust dat ik daar makkelijk op kan aanhaken. Wij haken in op wat andere zorgverleners doen en andersom.”

Rol van huisartsen cruciaal
Judith benadrukt dat de beschikbaarheid en medewerking van huisartsen cruciaal is voor de implementatie van een communicatieplatform zoals OZO. “In onze regio was het een grote wens van een aantal huisartsen en ons als wijkverpleging. OZO leent zich heel makkelijk om laagdrempelig mee te starten,” legt ze uit. “Natuurlijk moeten we een beetje tijd investeren voor uitleg aan nieuwe patiënten en hun naasten en voor het aanmaken van een account. Maar veel meer dan 5 minuten is het niet en die tijd verdien je heel snel terug.”

Gevoel van nabijheid
De positieve ervaringen van zowel patiënten, naasten als zorgverleners maken de investering meer dan waard, volgens Judith. “Patiënten en naasten vinden het heel prettig om vragen en zorgen op elk moment kwijt te kunnen. Dat gevoel van nabijheid wordt erg gewaardeerd. Ook het gevoel van betrokkenheid bij de besluitvorming over wat wel en niet te doen, is groter dankzij de gestructureerde communicatie en dat alles op één plek te vinden is.”

Meer over het NPPZ II strategisch thema Digitale Gegevensuitwisseling: nppz.org.
Meer over het communicatieplatform wat regio Zutphen gebruikt: ozoverbindzorg.nl.